bestemmingen & reisinformatie
Een antwoord op deze vragen en nog veel meer toeristische info vind je in deze rubriek van onze website. Klik hieronder en ga op zoek naar uw reisbestemming.
Somalië
Inwoners: 8 - 10 miljoen
Hoofdstad: Mogadishu
Oppervlakte: 637.600
Taal: Somali, Arabisch, Italiaans (in het zuiden), Engels (in het noorden)
Munt: shilling
Religie: Islam (Soenniten)
Hoewel (momenteel) wordt afgeraden naar Somalië te reizen, heeft het land wel degelijk toeristisch interessante plekken. De grootste attracties van Somalië zijn de mooie kust met zijn lange zandstranden en de vele nationale parken. Kismayo National Park en Hargeysa National Park zijn het bekendst, maar er zijn ook nog veel kleine nationale parken.
Met name in het zuiden, bij de grote rivieren, kun je buffels, cheeta's, giraffes, olifanten, leeuwen, luipaarden, neushoorns, nijlpaarden en zebra's aantreffen. Of ga naar Daloh Heritage Reserve en het Golis Range Forest. Allebei prachtig, met watervallen, schitterende subtropische wouden, rivieren en stroompjes. Er leven leeuwen, hyena's en andere unieke diersoorten.
Drieduizend kilometer kustlijn
Somalië heeft heel mooie, onontdekte stranden en de langste kustlijn van Afrika. Maar liefst 3200 kilometer! Bij het plaatsje Berbera, dat vroeger een echte havenstad was, vind je een aantal mooie stranden en de ruïnes van Egyptische moskeeën en forten. Ga naar Bossaso in het noordoosten en de rotsen bij Xeeb-buur en duik vanaf de rotsen het kristalheldere water in.
Het meest populaire strand van Mogadishu is Gezira, ondanks de haaien die er zo nu en dan opduiken. De privé-stranden van hotels zijn beschermd tegen haaien en hebben daarnaast meestal een zwembad.
Een andere plek om te verblijven is de helemaal in het zuiden gelegen kustplaats Chismaio. De stad is gebouwd in Arabisch-Portugese stijl en heeft een paar mooie stranden. Het ligt dicht bij een groot Nationaal Park en de Bajuni-eilanden.
In Garoe kun je 's nachts naar de wind in de woestijn luisteren. Bij Labadai bevindt zich een lepra kolonie. En Puntland kun je paardrijden. De Somalische paarden uit die streek zouden afstammen van de paarden van de antikolonialistische rebel 'Mad Mullah'.
De hoofdstad Mogadishu telt bijna aan miljoen inwoners. Het ligt aan zee en werd in de tiende eeuw door Arabieren gesticht. De stad beleefde haar hoogtepunt in de dertiende eeuw toen de moskee van Fakir al Din en de minaret van de grote moskee gebouwd werden. Het verschil tussen Mogadishu en andere Oost-Afrikaanse steden is dat het nooit veroverd is geweest door de Portugezen, maar altijd bestuurd is gebleven door de eigen bevolking, totdat de bevolking zich overgaf aan de sultan van Oman in de 19e eeuw. In het midden van de 20e eeuw namen de Italianen de macht over. Die invloed is tot op de dag van vandaag nog steeds merkbaar: macaroni en spaghetti zijn naast rijst bijna overal in het land te vinden.
Hammawein is het oude gedeelte van de stad. In het centrum zie je veel goud- en zilvermarktjes en staat de Fakir al Din moskee uit de 13e eeuw. Van een andere moskee genaamd 'Sjeik Abdul Aziz' weet niemand wanneer hij gebouwd is. Volgens de legende is deze moskee vanzelf uit zee opgerezen. Een andere belangrijke bezienswaardigheid is het Nationale Museum, met vooral veel spullen uit Egypte en voorwerpen uit de tijd van de Perzische en Portugese overheersing.
Je moet beslist een bezoek aan een markt brengen. Levendig en vol met locals. Je zult er veel qat-verkopers tegenkomen. Qat is een genotsmiddel, maar dan vrij mild. In veel landen (in Afrika en het Midden-Oosten) zie je mannen er 's middags en 's avonds op kauwen. Wees niet verbaasd als je tijdens een conversatie met een Somaliër qat krijgt aangeboden. Qat vermindert trouwens je eetlust en je krijgt er een erg droge mond van.
De drukste markt van Mogadishu is de Bakaara-markt. Vlak bij deze markt werd in 2001 het eerste internetcafé van Somalië geopend.
Zo'n tweehonderd kilometer ten noordwesten van Mogadishu ligt Baidoa, met een moskee, een markt en veel goedkope hotels. Ook de oude stad Amoud is een bezoek waard.
De nationale sport van Somalië is voetbal. Grote kans dus dat je een groep Somalische jongens op straat een balletje zult zien trappen. Doe gerust mee, dat vinden ze vaak alleen maar leuk.
Neem eens een kijkje in een 'discount store'. Je kunt er vaak van alles kopen, tot aan mobieltjes en digitale camera's toe voor slechts een fractie van wat het bij ons kost.
Ook kun je een hennatatoeage laten zetten. Vrouwen dragen dat o.a. naar bruiloften. Na een paar weken is het eraf en het is niet duur. Mocht je de kans krijgen een Somalische bruiloft bij te wonen dan moet je dat zeker doen. Kleurrijk en levendig, met veel eten, drinken en dansen.
Probeer 'Ruwaayed' mee te maken: een typisch Somalische mix van theater, muziek en komedie. Vraag of een Engelssprekende Somaliër mee gaat, anders begrijp je niets van dit live gebeuren.
Somaliërs zijn erg gastvrij naar buitenstaanders, maar voelen tussen de clans onderling vaak niets meer dan diepe haat. Het is
lastig om er achter te komen welke clan de andere mag en welke niet. Het lijkt alsof ze goed met elkaar omgaan, maar ben je als reiziger met iemand van een bepaalde clan of stam alleen dan heb je grote kans een negatief verhaal over en andere clan te horen.
Somaliland
Somaliland wordt ook wel Somalië's vergeten succesverhaal genoemd. Het noordwestelijke deel van Somalië heeft zichzelf tot republiek uitgeroepen en hoopt nog steeds op internationale erkenning. Het heeft een eigen vlag, munt en leger. Met een referendum in mei 2001 wilde de zelfverklaarde republiek Somaliland haar afscheiding van Somalië eindelijk officieel maken. De internationale gemeenschap ziet Somaliland echter niet als apart land.
Al in 1963 sprak Afrika af dat de landsgrenzen nooit meer veranderd zouden worden. Internationale organisaties zijn bang dat als ze Somaliland erkennen, er dan nog veel meer Afrikaanse landen uit elkaar zullen vallen. Overal op het continent kunnen dan sluimerende conflicten oplaaien.
De hoofdstad van Somaliland is Hargeisa. Een van de belangrijkste bezienswaardigheden is de tombe van sjeik Maddar, de stichter van de stad. Ook is de 'War memorial' een bezoek waard. Je ziet een Airforce MiG Jet Fighter uit de jaren tachtig. Tussen 1988 en 1990 is Hargeisa flink gebombardeerd door dictator Siyaad Barre. De bombardementen kostten aan zo'n 50.000 Somaliërs het leven. Een groot deel van de stad is opnieuw opgebouwd, maar vergeten is men het nog niet.
Ondanks de onzekere status ontwikkelt Somaliland zich wel. Er zijn geen gewapende bendes die de straten onveilig maken en de ambtenarij werkt redelijk effectief. Net als Puntland slaagt Somaliland erin de orde te handhaven, controle uit te oefenen op het gebruik van geweld en sociale zekerheid en economisch herstel te waarborgen. Mobiele telefoontarieven schijnen de laagste ter wereld te zijn en er zijn al jaren internetcafé's. Er wordt Somali, Arabisch en Engels gesproken.
Somaliland wil zich niet meer aansluiten bij de rest van Somalië uit angst de stabiliteit die ze met moeite verworven hebben weer op het spel te zetten.
Op 18 mei 2004 viert het land haar dertiende onafhankelijkheidsdag.
Naar Somalië
Somalië heeft een heel oude en fascinerende cultuur en is nog niet verpest door toerisme. Helaas is Somalië de gevolgen van de burgeroorlog nog lang niet te boven. Het heeft weliswaar eindeloze stranden, nationale parken met een grote verscheidenheid aan diersoorten en tropische planten en een interessante cultuur, maar het is niet verstandig er op dit moment naartoe te gaan. Bovendien is het moeilijk een visum te krijgen. Als je gaat, kies dan voor het noordelijkste stukje: Somaliland. Dat is wél relatief rustig.
Whalid, het jongetje uit het begin van het verhaal, moet terug, want hij heeft geen status. Terug naar de verschrikkingen van zijn land; naar een land waar hij geen ouders heeft, waar zijn huis is afgefikt en waar zijn opa voor zijn ogen vermoord werd. Whalid, een getraumatiseerd jongetje van elf. En zoals Whalid zijn er heel veel.


